Omschrijving van het voorwerp: brandglasraam met het wapenschild van Dudzele
Afmetingen: 150x125 mm
Datering: ca.1985
Toestand: gift
Thema: Dudzele
Dit voorwerp werd aan ons geschonken ter gelegenheid van de opening van het museum in 1986.
Hierna volgt de geschiednins van het wapenschild van Dudzele.
Dudzele – in 1089 <Dudazela> dat misschien <huis van Duda> betekent – heeft samen met Lissewege, Heist, Knokke, Koolkerke en Ramskapelle één ambacht gevormd in de heerlijkheid van het Brugse Vrije. Zijn naam komt voor op een kaart waarvan Boudewijn met de IJzeren Arm gebruik maakte. Uit het archief van de Sint Pieters abdij te Gent vernemen wij dat <Dudece> in 704 aan genoemde abdij geschonken werd door een kloosterlinge, Ingelwara, dochter van Affon, een machtig heer uit de streek; zij had ook aan dezelfde abdij al haar eigendommen in het dorp Hollain, in Henegouwen, geschonken. Dit dorp maakte deel uit van het dioces Doornik. Bisschop Baudry in 1108 en bisschop Simon in 1135, stonden hun recht van patronaat op het kapittel van Sint Donatus te Brugge af. Zoals in de meeste middeleeuwse dorpen, bestonden er te Dudzele talrijke lenen waaronder het hof en de heerlijkheid Dudzele, het hof <Ten Hecke> en het hof van Herzele, die afhingen van het feodaal hof der kasselrij Brugge. De abdij Ter Doest, te Lissewege, bezat veel goederen te Dudzele. De edele familie die de naam Dudzele aannam, woonde te Pathoucke. Zij schonk verschillende schepenen aan het Brugse Vrije: Bordinus van Dudzele in 1279 en Zeger van Dudzele in 1304. De heerlijkheid Dudzele ging vervolgens over aan de edele familie van Gistel, daarna o.a. aan het geslacht van Lens, Jan van Gistel, heer van Dudzele en van Straten, gewezen burgemeester van het Brugse Vrije, werd in 1488 onthoofd <om uit de stadskas 3.900 pond groten ontnomen te hebben, zonder verslag te geven betreffende het gebruik van deze som>. Maximiliaan van Lens, baron van Dudzele, overleed in 1590. De Doornikse familie Errembault kocht de heerlijkheid Dudzele aan: in 1666 werd Louis Errembault, heer van Dudzele, voorzitter van de Raad van Vlaanderen. De familie Errembault van Dudzele en van Orroir bekwam in 1774 de titel van graaf, die in 1868 bekrachtigd werd. Gelre, Douet Darcq, Gaillard en L’Espinoy gaven aan de heer van Dudzele van zilver met keper van keel. De kaart van het Brugse Vrije van Pourbus kende dit wapen toe aan het ambacht van Dudzele maar het wapenschild van de heerlijkheid was er, in de eerste schildwapenhoek, beladen met het kenteken van de Sint Pieters abdij, een sleutel van sabel naar rechts gekeerd.
Het Koninklijk Besluit van 31 Augustus 1838 heef t aan de gemeente Dudzele het wapen van de oude heerlijkheid met deze naam toegekend: een schild van zilver met keper van keel, beladen, in de eerste schildhoek, met een sleutel van sabel.
|